Veel vrouwen worstelen met hun innerlijke criticus. We pijnigen onszelf continu met zelfkritiek op wie we zijn en wat we doen. We willen het graag goed doen en vragen onszelf herhaaldelijk af wat we verkeerd hebben gedaan en waarom we niet goed genoeg zijn.

Het oordeel naar onszelf is veelal hard en genadeloos.

Ik heb de verkeerde keuze gemaakt. Ik had het anders moeten doen. Ik heb gefaald. Ik was niet afgestemd, niet verbonden genoeg. Ik heb mezelf weer teleurgesteld, verwaarloosd. Ik ben mezelf weer verloren. Ik heb de ander tekort gedaan. Het lukt me nooit. Zij is veel beter. Ik kan dit toch niet.

Het is een kleine greep uit de zelfvernietigende gedachten die vrijwel dagelijks door ons hoofd gaan. De innerlijke criticus is vermomd als een onderhuidse slang, een vals listig serpent, dat ons (innerlijk) leven zuur maakt door haar gif te verspreiden in ieder deel van ons wezen. Het maakt ons innerlijk milieu ziek en dat uit zich in onze externe wereld.

Zelfverwijt zorgt voor de grootste vergifting van ons welzijn, geluk en potentieel.

Het verlamt en houdt ons gevangen in een ijzeren wurggreep van schuld, schaamte en boetedoening. Nadat ik deze week weer in de spiegel mocht stappen, uitgenodigd door mijn eigen gevoelens van zelfkritiek, vielen zoveel puzzelstukjes op zijn plek. Zeker toen ik herkenning vond bij mijn vriendinnen.

Al veel langer zeg ik dat tegelijkertijd met de terugkeer van het vrouwelijk vuur het vrouwelijk narcisme aan het licht komt. De innerlijke criticus opgelegd, doorgegeven en in stand gehouden door niemand anders dan vrouwen, wordt zichtbaar en daardoor ook intens voelbaar. Vrouwen zijn extreem hard voor zichtzelf. Niemand weet waarom, maar we voelen het allemaal.

Onbedoeld, onbewust, houden we dit verhaal van zelfoordeel ook in stand.

Want terwijl we de vrouwelijke energie weer haar plek in de samenleving en in ons leven geven, vertellen we elkaar (indirect) ook continu dat we vooral nog innerlijk werk moeten doen. Daarom is er nu zo’n nadruk op healing, op afstemmen, trauma, etc.

Goedbedoeld en zeker onderdeel van de weg naar geestelijke verlichting en een leven vol joy en zelfliefde, leidt het gelijkstellen van de vrouwelijke energie en healing voor de voeding van het serpent. Wie is verder met healing? Wie gaat er dieper? Wie leeft meer vanuit verbinding? Wie voelt zuiverder? Wie maakt geen fouten meer?

Wie maakt de meest bewuste keuzes vanuit hogere energie?

Deze overtuiging en mindset zorgt ervoor dat we vooral ons best moeten doen, dat we ergens moeten komen, dat we nog meer aligned, nog meer verbonden moeten zijn en nog dieper moeten gaan, om te mogen ontspannen. Beter gezegd om te mogen zijn. We moeten blijkbaar ergens komen. Eerst iets doen, eerst zwoegen, opofferen, hard werken, voor we mogen ont-spannen.

We offeren ons op voor de externe wereld.

Vrouwen worden al van jongs af aan geleerd dat zij zich netjes moeten gedragen, dat zij de schakel zijn in de goede lieve vrede, dat zij dienstbaar zijn aan het geheel, en dat ze vooral van alles letterlijk en figuurlijk moeten slikken op dat pad. Dit werd ons niet verteld door de man. Maar door de vrouw. De moederfiguur. Dit is dan ook de moederwond die zichtbaar wordt.

Onderwijl kijken we naar mannen en verwijten we ze dat ze relaxed hun ding doen, dat ze dingen (te)rationeel bekijken en dat zij gewoon kunnen ontspannen als het hele huis een chaos is. Misschien mogen we juist hun uitnodiging aannemen en minder meegaan in gevoelens die ons ondermijnen en gaan kiezen voor gevoelens die we wel willen.

Uit de wurggreep van schuld.

Ik moest vandaag denken aan de boodschap van mijn roman ‘Eva is lief.’ Deze boodschap is nu meer dan ooit van enorme waarde voor iedere vrouw die hier nu tegenaan loopt.

Want het is niet de schuld van onze moeder, niet de schuld van de man, het is onze innerlijke stem die zichzelf een compleet verkeerd verhaal heeft aangepraat en als een giftige zwarte slang onze hele onderwereld in duisternis hult. De gouden slang van levensvreugde kan misschien af en toe erdoor breken, echt vrij dansen met het leven is er niet bij.

Het narcisme zit in ons. We zijn ermee geboren.

Niet geheel toevallig leverde ik vandaag mijn nieuwe artikel voor Paravisie Magazine in getiteld ‘God is een narcist.’ Het narcisme zit nog zo diep in ons bestaan geworteld en zodra we niet kijken naar waar het zich nestelt in onszelf en er heel veel liefde en vergeving naar sturen, zal het in de buitenwereld nooit oplossen.

De schuld ligt niet bij de ander. Ook niet bij jou.

Wij zijn licht, liefde en energie. Het komt wel door het verhaal dat we elkaar vertellen. Waarbij de uitdrukking ‘zachte heelmeesters maken diepe wonden’ zeer toepasselijk is. Want het vrouwelijk narcisme uit zich op een zalvende dweperige wijze. We zijn momenteel vooral bezig met pappen en nathouden in de buitenwereld van hoe belangrijk de vrouwelijke energie is terwijl we ons innerlijk gif nog steeds de vrije loop laten.

Ogenschijnlijk vermomd als gouden slang komt zij tot ons. In de aard is zij een gitzwarte gifslang die we doorgeven met onze (innerlijke) stem. De ware vrouwelijke energie is er juist een van overgave, flow, innerlijk weten, universele wijsheid, onvoorwaardelijke liefde.

Laten we eerst en vooral beginnen met onvoorwaardelijk van onszelf te gaan houden.

Meer weten: lees mijn roman ‘Eva is lief.’ of het persoonlijke zelfhulpboek ‘Ik ben een Godin. Jij ook.’

Liefs, Eveline