Ik heb in de afgelopen dagen diverse mensen gesproken, sommigen met een hulpvraag ten aanzien van het belang van het kind, anderen vanuit hun hulpverlenerspositie. Wat me vooral opvalt is het vingerwijzen naar elkaar. Het ligt altijd aan de ander. Het grootste probleem is niet dat jeugdzorg voor geen meter deugd, dan wel dat ouders totaal falen.

Het wringt hem bij de bereidheid tot zelfreflectie en adaptiviteit.

Vele betrokkenen zijn niet bereid, dan wel in staat om in de spiegel te kijken en verantwoordelijkheid te nemen voor het eigen handelen. Zij zijn daardoor vanuit hun eigen (starre) houding niet capabel om daadwerkelijk het belang van het (individuele) kind centraal te stellen.

Hulpverleners zijn mogelijk wel vakkundig, alhoewel de laatste rapporten aantonen dat merendeel niet eens de juiste diploma’s heeft, maar falen vooral als het gaat om empathie, eigen ervaring en inlevingsvermogen. Ze handelen vanuit hun stigma’s en protocollen en gaan daardoor compleet voorbij aan de belangrijkste hulpvraag en hun eigen rol in wat zij voor de ander kunnen doen om het tij positief te keren.

Dit zie ik ook al jaren in de advocatuur. Men pakt het conflict juridisch aan, maar lost in feite vaak niets praktisch op. Vooral omdat men achterwege laat om de cliënt ook te attenderen op de eigen verantwoordelijkheid, dan wel diegene door te verwijzen naar een coach of therapeut. Met als gevolg dat vanuit trauma en stress een bepaald gedrag herhaald wordt, men in dezelfde fuik vast blijft zitten en de geschiedenis zich blijft herhalen. Jarenlang procederen is hierdoor de norm geworden, waarbij er vooral één grote verliezer is: het kind.

Kijk in deze lijn ook naar mediation, welke bij (v)echtscheidingen vooral gericht is op het op papier zetten van een omgangsregeling. De hulpvraag en behoeften die onder het conflict liggen waardoor dit ouders niet zonder inmenging lukt, worden veelal genegeerd. Het nader tot elkaar brengen lijkt te moeten gebeuren en wel koste wat het kost over het hoofd van het kind. Want dat is in zijn belang. Ondertussen volgt een jarenlange strijd waarbij maar het kind aan het kortste eind trekt.

Iets met de pot verwijt de ketel.

Want is dit niet precies wat ouders wordt verweten? Dat zij het kind tot speelbal maken? Terwijl als er iets duidelijk is geworden door het vrijkomen van vele rapporten over het functioneren van jeugdzorg, dan is het wel dat al die systemen met kinderen spelen alsof het pingpongballen zijn. Er is geen enkel vangnet, laat staan iemand die ze de veilige basis geeft die ze verdienen en/of deze kinderen daadwerkelijk een stem geeft.

Als ouders het (tijdelijk) niet lukt om wat voor reden dan ook, als ouders lijnrecht tegenover elkaar staan en de kinderen komen klem en verloren te zitten in dit conflict, dan heeft het geen enkele zin ze er alsnog tussen te laten staan, dan wel ze er helemaal tussenuit te halen. De onderliggende problematiek wordt er niet beter op. Daarbij is ondertussen ook duidelijk dat het alternatief ook niet zaligmakend is.

Tegelijkertijd is het ook aan de ouders om leiding en verantwoordelijkheid te nemen. Agressief en grensoverschrijdend gedrag, weliswaar voortkomend uit (terechte) boosheid, frustraties, onmacht en angst, zijn niet ok. Het heeft onbewust een gigantische impact op de veiligheid en het welbevinden van het kind. Ook al is het kind er geen ooggetuige van. Ze voelen het. Al is het alleen maar omdat niemand wel vaart bij gestreste ouders.

De lijn naar onderwijs, leerkrachten en leerrecht is hierin bijna een op een te trekken.

Het systeem is niet adaptief. Het is een star, oud, dogmatisch systeem en het alternatief is voor de kinderen die echt vastlopen ook geen optie. Het blijft als een gouden kooi voelen, waarbij zij niet gezien en gehoord worden. Men geeft ze een stem, maar luistert niet. Men projecteert en probeert, maar hun leerrecht gebruiken zoals die bedoeld is, lijkt nog steeds niet mogelijk.

Ik weet als geen ander dat het systeem door de starre houding, dreigende toon en fuikconstructie escalatie uitlokt, vele ouders voelen zich in de hoek gedrukt, het is slechts wachten tot de bom barst. Ik voel hun pijn en frustratie. Toch is dit niet de weg eruit. In de spiegel kijken wel, zodat je niet terecht komt in een vicieuze cirkel waarbij men achteraf kan zeggen: zie je wel.

Een oplossing voor dit systeem dat overduidelijk niet in het belang van het kind is, vraagt naast een totaal andere invulling van het belang van het kind en daardoor ook een verandering in aanpak, dus ook de bereidheid van alle betrokkenen om naar het eigen aandeel te kijken én om daar ook wat aan te doen, zonder de schuld bij een ander neer te leggen. Zolang we vingerwijzen blijven we vastzitten in het conflict. Beter kunnen we samenwerken.

Deze weg is echter niet wat de meeste betrokkenen voor ogen hebben. Eenmaal de strijd begonnen, leidt het ego en het trauma, wil men wraak en genoegdoening, dan wel afstraffing en boetedoening. Gelijk krijgen lijkt belangrijker dan meebewegen. Alsof we nog steeds in de Middeleeuwen leven gaan wij momenteel om met kinderen die al klem zitten, dan wel klem dreigen te komen te zitten. In plaats van ze op te vangen, zetten we ze gevangen.

Onlangs heb ik besloten om ouders en kinderen bij te staan op dit gebied.

Als jurist, ervaringsdeskundige en zeker ook als coach op het gebied van bewustwordingsprocessen kijk ik holistisch naar iedere situatie. Dit betekent dat ik altijd zal benadrukken dat je zelf een grote rol hebt in de uitkomst. Om de regie terug in handen te krijgen, dan wel te houden, moet je deze regie ook gaan nemen vanuit een bepaalde bewuste basishouding.

Zeker in juridische procedures die gaan over het belang van het kind, is jouw rol als ouder cruciaal. De mate waarin jij je zelf, en daarmee je leven onder controle hebt, bepaalt het thuis dat jij een kind biedt. Waarbij het niet gaat om perfectie, maar om goede wil en de juiste intentie. Ik ben ondertussen een groot fan van diverse trainingen op het gebied van adaptief ouderschap, die wat mij betreft een op een kunnen worden doorgezet naar hulpverleners.

Het gaat namelijk in essentie over dit stukje zelfreflectie en adaptiviteit.

Ben je daartoe niet bereid, dan kan ik je niet helpen. Niet omdat je daardoor per definitie juridisch gezien aan het kortste eind trekt, wel omdat ik voor het belang van het kind sta. Dat is waar mijn hart voor in de fik staat. Daar sta ik voor op. Ik wil kinderen een stem geven. En dat betekent dat ik dit te allen tijde centraal stel.

Het gaat hierbij niet om jou. Niet om wat jij wil of wat jij vindt. Het gaat om hen. Hun belang moet leidend zijn en als netwerk moeten wij om ze heen gaan staan en bereid zijn alles te doen wat nodig is. We mogen en moeten uit de emoties stappen om tot oplossingen te komen. Waarbij ik zeker geloof dat kinderen bij hun ouders horen op te groeien én dat zij daarin ondersteund moeten worden door maatwerk als zij vastlopen op school of door trauma of (v)echtscheiding.

Ik wil het vangnet zijn voor hun belang, ik wil zorgen dat ons systeem adaptief wordt voor dit belang.

Ik geloof ook dat met de juiste insteek jij degene bent die weet en bepaalt wat goed is voor jouw kind. Dat is ook jouw recht. Maar die gaat niet zonder plicht. En die is inherent verbonden met bewust ouderschap en het bewust zijn van het belang van het (innerlijk) kind.

Dat is wat mij betreft waar Human Light Warrior voor staat: ik ben een voorvechter van het Licht. Kinderen belichamen dat voor mij in zijn puurste vorm. Daarom richt ik mij nu op zaken die hun belang aangaan zoals onderwijs, omgangsrecht en aanverwante procedures. Vele betrokkenen zijn over het algemeen vergeten waar het werkelijk om draait. Ik herinner ze er met liefde aan.

Wil je meedenken in dit proces voor een (nieuw) vangnet, neem dan contact met mij op via info@evelinevandongen.com

foto: geZONderwijs festival Friesland 2023 georganiseerd door Ouderschap vanuit het hart.

Liefs, Eveline